Aardappelsalade

Omdat ik deze versie, zo eenvoudig als ie is, het onthouden waard vond.

Eenvoudige aardappelsalade

* 900 gr vastkokende aardappels
*Â 3 lente-uitjes
* 1 of 2 flinke augurken
* ca 12 ingemaakte zilveruitjes
* 2 volle el zelfgemaakte mayonaise, 1tl lekkere mosterd
* verse peterselie, peper en zout naar smaak,

Schil de aardappels en snijd ze in de vorm die je het lekkerste happen vindt.
Kook ze gaar. Hoe lang dat duurt hangt af van hoe groot je de stukjes aardappel snijdt.
Snijdt intussen de andere ingredienten in kleine stukjes.
Giet de aardappels af en meng ze met de overige ingredienten.
Laat afkoelen, en een paar uur intrekken en eet smakelijk!

Witlof met blauwschimmelkaas uit de oven

De combinatie van witlof met blauwschimmelkaas is niet nieuw voor me. Maar toch had ik het boek Groente van Peter Gordon nodig om op het idee voor dit gerecht voor het avondeten te komen. Al hield ik het stukken eenvoudiger dan Peter Gordon en (volgens mij) minstens zo lekker.

Witlof met blauwschimmelkaas uit de oven

Ingredienten per persoon:
* 2 a 3 stronken witlof
* 30 ml room
* ca 30 gr blauwschimmelkaas
* klont boter

Verwijder de lelijke buitenste bladeren van de witlof, halveer ‘m, en snijd de harde kern eruit. Zorg dat de bladeren nog wel bijeen gehouden blijven.
Verhit de boter in een pan met dikke bodem en bak hierin de witlof (evt in porties) op de doorgesneden kant goudbruin. Draai ze even om zodat ook de bovenkant licht kleurt.
Leg dan de stronken op hun bolle kant in een ovenschaal.
Giet de room in het achtergebleven vet en verwarm hierin de kaas tot deze smelt. Giet dit over de witlof en schraap de pan goed leeg.
Dek de ovenschaal af met alufolie en zet de witlof 30 a 35 min in een oven van 180 graden tot de witlof gaar is.

Een bijmes cadeau

Al een tijdje was ik niet meer zo blij met mijn koksmes. Deze is te groot en te zwaar, en dat is vooral vervelend als ik vele uren achter elkaar in de keuken bezig ben. Dus toen ik gistermiddag langs de winkel van Paul van Dillen reed, besloot ik om eens binnen te kijken. Ik legde hem mijn dilemma voor en ik kreeg verschillende messen in mijn hand gedrukt. En zo stond ik in de winkel een beetje net te doen of ik iets in stukjes sneed op een snijplank en moest ik op basis daarvan een beslissing nemen over een mes dat levenslang meegaat. Ik vind dat bij schoenen ook al zo lastig: die draag je een paar minuten in een winkel, je loopt er wat mee over tapijt, en op basis daarvan moet je maar beoordelen of ze ook lekker lopen als je er wat meer meters op straat mee wilt maken.
Eén van de messen die ik zo probeerde was een (bijna) keramisch mes, van Zassenhaus. Helemaal zwart, vederlicht, heel stijf, dun lemmet, maar net een te kleine maat (15 cm) om als koksmes te dienen. “Leuk als bijmes”, mompelde ik, waarop Paul van Dillen in de lach schoot, want van een ‘bijmes’ had hij nog nooit gehoord. Ik bedoelde dan ook een leuk mes voor erbij. Het was alleen iets te groot voor een officemes, hèt voor-alles-handig-mes van koks dat ik nog niet in mijn collectie heb, dus legde ik het weer weg.
Uiteindelijk koos ik voor een Global. Die lag lekker in evenwicht in mijn hand en was wat minder zwaar dan de Zwilling met contragewicht in het handvat. Maar toen bleek dat Paul van Dillen dat mes niet op voorraad had. Op het mes dat ik in mijn hand hield stond zijn eigen naam (letterlijk!). Ik zei dat het geen haast had en dat ik wel wilde wachten tot hij het mes weer binnenkreeg. Daarop beloofde hij me een cadeautje. Zomaar, als dank dat ik wilde wachten en het niet in tussentijd ergens anders ging kopen. En wilde ik dat cadeau nu hebben of als ik mijn koksmes kwam ophalen? En zo kwam ik toch thuis met een mes, het keramische bijmes.
Om het lemmet van het mes, dat wel van (carbon)staal is, zit een keramische coating. “Het lemmet heeft op deze manier de mechanische eigenschappen van een stalen mes en zal dus niet snel bros breken zoals een keramisch mes, maar heeft aan de andere kant de eigenschappen van keramiek en kan dus uitermate roestvast en hard worden gemaakt waardoor het lang scherp blijft”, aldus dit document.
Ik zou het een heerlijk mes vinden, aldus Paul van Dillen. En hij lijkt gelijk te krijgen. Mijn uitjes snipperde ik ragfijn, ook het hakken van knoflook ging er prima mee, de spek uit de vriezer doorkliefde dit mes met gemak, alleen de schil van de pompoen verwijderde ik iets makkelijker met mijn grote koksmes. Natuurlijk sneed ik ook in één van mijn vingers, maar dat hoort erbij, als je een mes voor het eerst gebruikt, toch? Ik maakte ongeveer deze pompoenrisotto en ben blij met het cadeau.

Rara, wat is dit?

Ik kreeg het gister in mijn handen gedrukt en had er nog nooit van gehoord. Inmiddels weet ik er iets meer van, maar ben benieuwd of jullie ‘t (her)kennen.

tja, wat zou het zijn?

Zie hier het antwoord.

Koken op Venus en Mars

Verschillen mannen en vrouwen? In de keuken is het verschil in elk geval duidelijk zichtbaar. Vrouwen koken vaker en over het algemeen ook anders dan mannen. Een blik op de geschiedenis leert ons hoe deze verschillen tussen mannen en vrouwen zijn ontstaan en hoe ze langzaam veranderen.

nieuwjaarsboekje 2009Dit is de inleiding van een essay dat ik schreef voor M/V, het SCP-nieuwjaarsboekje 2009. Ieder jaar verzint directeur Paul Schnabel een thema waarmee de medewerkers aan de slag mogen. Het hoeft niet persé te maken te hebben met het werk dat we op het SCP doen.

Edith Dourleijn, Koken op Venus en Mars, 2009, In: Paul Schnabel (red.). M/V: SCP-nieuwjaarsuitgave 2009, p23-26. Den Haag: SCP.

Lees hier de rest van het artikel.

Gelukkig, ik ben niet gek!

De nieuwe keuken probeer ik zo goed en zo kwaad als het kan een beetje netjes te houden. Niet in de zin dat er geen rommel mag staan, maar netjes zoals in ‘mooi’ en ‘in zo goed als nieuwe staat’. En zo begon het me op te vallen dat de roomboter in de pan zo ontzettend aan het spetteren is. Ook bak en braad ik de laatste tijd meer en meer (vlees) in boter, waardoor de oorspronkelijke verwondering in ergenis begon over te gaan. Dus keek ik naar het percentage vet in de boter. Met 82% was daar in principe niet zo veel mis mee. Welke (fabrieks)boter ik ook gebruik, de biologische van AH of de goedkoopste uit het schap, spetteren kunnen ze allemaal als de beste.
En dat viel niet alleen mij op. Ook culi-columnist Felix Wilbrink van De Telegraaf klaagde steen en been en riep op tot een boycot. Net zo lang tot de onderste steen boven is en de boter niet meer zo spettert. Bij Foodlog werd het antwoord op de vraag waarom de boter toch zo spettert gezocht in de productietechniek van onze boter: deze schijnt te worden gemaakt met behulp van de zogenaamde spraymethode, waardoor het vet in de boter zo fijn verdeeld wordt “dat de boter zijn smaak verliest”. En blijkbaar ook aan het spetteren slaat. Beter kan je ouderwetsch gekarnde boter gebruiken. Het meisje van de slijterij maakte een filmpje over deze niet spetterende gekarnde boter en de heerlijke geur die daar vanaf komt.
Dus de oplossing is echt ‘echte’ echte boter kopen! Eens kijken of deze morgen op de Haagse biologische markt te krijgen is.

update: op de biologische markt vond ik bij de kaasboer boter. En in deze bakte ik de volgende dat twee biefstukjes van natuurslagerij Rob Rijks en raadt eens? De boter spetterde niet!
update 2: En Felix Wilbrink ging intussen ook op onderzoek uit, lees dit verhaal maar.

Stoofpot met champignons

Degenen die mijn avonturen in de keuken al wat langer volgen weten dat ik niet zoveel heb met champignons en andere paddestoelen. Een ’structuur-dingetje’. Maar heel soms komen ze toch mijn keuken in, vooral als ik Meneer Eediete wil verrassen. Want champignons bakken kan ik wel als de beste! Voor de flinke portie kastanje-champignons die ik over had verzon ik deze stoofpot. Ik liet de paddestoelen heel, zodat ik ze zelf er makkelijk uit kon vissen…

Stoofpot met champignons

* 400 gr rundvlees om te stoven
* 1 ui, 1 teen knoflook, 1 prei, 2 niet al te grote winterpenen, 400 gr (kastanje)champignons
* 150 ml rode wijn, 1 dl (sterke) bouillon
* 1 el tijm, 1 laurierblad, 3 peperkorrels

Pel de uien en snijd ze in grove stukken. Pel ook de teen knoflook en halveer ‘m. Schrap de wortels en snijd een halve wortel in dunne plakjes.
Bak de uien, knoflook en plakjes winterpeen in een flinke kluit roomboter tot de ui goudbruin ziet.
Snijd intussen het vlees in stukken van 1,5 bij 1,5 cm.
Schep de groenten uit de pan en bak in het achtergebleven vet het vlees (evt in twee delen) goudbruin.
Doe de groenten er weer bij en blus af met de rode wijn.
Voeg de tijm, het laurierblad, de peperkorrels toe en de bouillon toe.
Laat hierin het vlees 1,5 uur op laag vuur garen.
Snijd de overgebleven winterpeen en de prei in ringen van minimaal 1 cm dikte en voeg deze met de champignons aan de stoofpot toe. Laat nog een uurtje stoven.
Serveer met gekookte aardappels en dezelfde wijn als je in je pan hebt gegoten.

verder terug in de tijd »