foodblog-food

Het werd weer eens tijd om me te richten op nieuwe gerechten en ideeën voor de avondmaaltijd. De afgelopen week kwam ik bij twee mede-foodbloggers een gerecht tegen waar ik heel nieuwsgierig naar werd. De één vanwege de combinatie van ingrediënten en de ander vanwege het enthousiasme van de schrijver. Dus zette ik ze gisteravond allebei op tafel. Samen met een gerecht dat ik al eerder van een derde foodblogger probeerde. Elk van de gerechten op zichzelf was erg lekker, maar over de combinatie van de gerechten ga ik nog eens hard nadenken.
Janneke P. verraste me vorige week met een salade van buffelmozzarella, platte peterselie en radijs. Dat moest ik proeven! Want wat zou de rol van de radijs zijn in dit gerecht? Ik kon het me niet zo goed voorstellen. En daarbij leek me de dressing behoorlijk sterk. Ik sneed dus de peterselie (heel!) fijn, legde daarop de gescheurde mozzarella (want die schijn je niet te mogen snijden, al ben ik even vergeten waarom dat ook al weer was) en legde de dunne plakjes radijs er in een mooie kring omheen. De dressing deed ik er pas aan tafel over, zodat ik de hoeveelheid ervan naar smaak kon bepalen. Lekker en bijzonder voorgerechtje!
MrOoijer kwam met een leuk visgerecht: kabeljauw met een pijnboompittensaus. Een beetje van Claudia Roden en een beetje van hemzelf. Ik aapte MrOoijer gewoon na en vond het een leuke vonst. Paste ook goed bij de stukjes roodbaarsfilet die ik iets korter in de oven deed dan MrOoijer zijn kabeljauw. Met een minuut of 20 waren ze wel gaar. Tegen het advies in, de vis warm opgediend met de koude saus erover. Ik snap waarom MrOoijer zo enthousiast was!
Met de courgette die ik nog had liggen ging ik op de Libanese tour. Onno Kleyn bakt ze kort op niet al te hoog vuur gaar, bestrooid ze met rauwe knoflook en fijngesneden munt. Ik warmde beiden nog heel even mee, zodat dat knoflook niet al te veel zou overheersen.
Erbij kookte ik wat aardappels bijna gaar in 10 min, waarna ik ze bakte met een sjalotje en gerookte zoete paprikapoeder (pimenton dulce) in boter en olijfolie tot ze een mooi krokant korstje hadden.

hapjes bij een champagneborrel

champagneborrelHet was de afgelopen dagen weer wat drukker in mijn echte keuken dan in deze virtuele. Ik was gevraagd om de catering voor een feestje te verzorgen. K. en P. gaven een champagneborrel omdat de één een titel voor d’r naam mag zetten en de ander jarig was. Voor de champagne zorgden ze zelf, maar ik maakte alle hapjes.
Dus marineerde ik olijven en manchego-kaas, roosterde ik noten in twee verschillende smaken en bakte ik chorizo-chips om te graaien en snaaien. Daarbij kocht ik Iraanse sterk ingedroogde vijgjes, die een verrassing voor velen waren.
En op een grote schaal legde ik afwisselend filorolletjes met gedroogde cranberry’s en noten, salate caprese op een spiesje, dubbele sandwichjes met zalm, komkommer en dillemayonaise, met feta en noten gevulde mini-paprika’s, hartige soesjes ongeveer zoals ik ze hier at en - de voor mij onverwachte klapper - de met rauwe ham omwikkelde dadels. Van elk maakte ik er ongeveer 25, zodat de 30 aanwezigen ongeveer 5 hapjes konden nemen. En dat bleek ruimschoots genoeg. Te weinig zal ik wel nooit kunnen maken ;-).
En samen veranderden we de prosecco in een bellini en we deden wat framboosjes in de champagne voor een raspberry flute.

eten op De Parade

Heus, ik ben echt niet zo iemand die maar vind dat alles vroeger beter en mooier was dan nu. Ook al kan ik vandaag weer een jaar aan dat ‘vroeger’ toevoegen, ik vind het ‘nu’ spannender, verrassender en leuker. Maar ik maak graag een uitzondering voor De Parade. Als je het niet kent, sla dan de volgende alinea over, als je het wel kent huiver je mee!
Vroeger - tja, ik ontkom niet aan dat woord - kwam je op De Parade om de nieuwste modetrends te spotten. Nu zie je mensen in outfits lopen waarvan de Libelle al 10 jaar geleden constateerde dat deze hopeloos ouderwets zijn. Vroeger zat je gezellig met z’n allen in het gras en deelde met z’n allen een fles rosé of een grote kan sangria en een heerlijk bord tapas. Nu zit je op wankele en gammele klapstoeltjes thee en koffie te drinken terwijl je voor de gesponsorde koppen 2 euro statiegeld betaald. (Heel) Vroeger kon je nog tot 19.00 uur gratis naar binnen en na dit tijdstip voor 2 gulden vijftig. Nu sta je al om 18.00 uur ruim 20 minuten in de rij om een toegangskaartje van 6 euro te mogen kopen. Vroeger kon je nog verleid worden door de artiesten voor de tent om eens een kijkje binnen te nemen en was de concurrentie om bezoekers onderling moordend. Nu vermaken ze meer de mensen die staan te wachten omdat alle kaartjes toch wel verkocht raken en is het achterliggende idee meer sentiment naar vroeger en tot folklore verworden. Daarbij lijkt de zon ook ieder jaar minder aanwezig op het festival.
En ik neem heus een deel van de schuld op me door er ieder jaar weer opnieuw mensen mee kennis te laten maken en mijn verjaardag lekker makkelijk op de parade te vieren. Maar gisteravond had ik het toch wel even gehad met al die drukte. Misschien had ik toch even mijn gedachten moeten laten verwaaien in de zweefmolen.
Maar goed, dit is een foodblog, dus een woord over het eten. Dat is in kwaliteit namelijk niet veranderd. Nog steeds eet je goed voor niet al te gek veel geld. Het bordje tapas mag dan wel zijn verdwenen, maar als je bedenkt dat de geïmproviseerde keukens iedere dag honderden mensen moeten voeden, dan zijn complimenten wel op z’n plaats. Natuurlijk kan ik na al die jaren van iedere eettent inmiddels de kaart wel dromen, daarom ben ik blij met het nieuwe Switi (rook heerlijk, heb er nog niet gegeten) en de als altijd goed verzorgde en maatschappelijk bewuste “fast food is a slow death” Amaro (voorheen Het Mobiel Culinair Offensief). De gerookte forel was er heerlijk, de aïoli loeischerp en de ietwat groot uitgevallen krieltjes precies goed. Jammer dan dat er altijd mensen in de rij achter je staan die de gamba’s niet aandurven ‘in zo’n tent’ of voorstellen om volgende keer maar even in de stad te eten en op internet de kaartjes voor de voorstellingen te kopen. Dan heb je het toch duidelijk niet begrepen en kan ik weer opnieuw met mijn betoog van de vorige alinea beginnen. Vroeger, tja …

ik sta in Delicious!!!

Je moet even weten waar je moet kijken en dan nog een vergrootglas bij de hand hebben, maar toch. Ik sta in het blad Delicious!Â
Weet je nog? Dat ik als verstekeling meekon naar de proeverij van aardbeien bij de Brabantse aardbeienteler Jan Robben? Samen met een aantal culinair journalisten mochten we daar, onder aanvoering van Onno Kleyn en (koken met) Karin Luiten, tal van verschillende rassen aardbeien proeven. Voor mij de kans om eindelijk eens de Lambada-aardbei te proeven en gelijk een nieuwe favoriet, de Korona, te leren kennen.
Bij deze proeverij waren ook enkele redactrices van Delicious aanwezig. En ook zij geven gehoor aan de oproep die de twee hierboven genoemde initiatiefnemers deden in hun aardbeienoffensief. Wat was dat offensief ook al weer? Dat wij als consument de keuze willen hebben welke aardbei we eten, net als dat kan bij appels. Want ze smaken allemaal zo verschillend, dat er voor iedereen een favoriet zal zijn. Dus vraag allen bij de groentenboer of super naar lekkere smaakaardbeien. Of vraag op z’n minst welke aardbeien je voorgeschoteld krijgt. Ik deed dat laatst nog in een klasse-restaurant en na even wachten kwam de ober terug met het verhaal dat de aardbeien waarschijnlijk ‘de santana ofzoiets’ moesten zijn. Ik kon het niet nalaten om mijn pasverworven kennis ten toon te spreiden en hem te verbeteren dat hij dan zeer waarschijnlijk Elsanta’s bedoelde. Oja, dat was het, dat de keuken hem verteld had.

ik in delicious

Goed, je vindt me dus op pagina 20 bij het artikel over de aardbeien van Jan Robben. Op de meest linkse foto zie helemaal links Jan Robben, daarachter zie je iemand met een camera - dat ben ik - en aan de andere kant van de bank staat heel herkenbaar Onno Kleyn en daarnaast Trudelies Schouten, een redactrice van het blad (denk ik). Â

[vega] quesedilla’s

Eén van de gerechten die schoon op zijn gegaan op de barbecue waarvoor ik de catering verzorgde waren de quesedilla’s, oftewel de Mexicaanse tosti’s. Heel eenvoudig te maken en te bereiden en iedereen lust ze. Dat bleek wel!

* stapeltje flour-tortilla’s
* 1 ui, 1 teen knoflook
* 1 blikje tomaten op sap
* 2 el tomatenpuree
* veel geraspte kaas (jong belegen)
* gedroogde oregano, peper en zout
* smaakmakers zoals: jaloapeno pepertjes, lente-ui, plakjes tomaat, reepjes paprika

Bak zachtjes de fijngesneden ui met knoflook tot ze glazig zien, voeg de tomaten, tomatenpuree, oregano en peper en zout toe en laat de tomatensaus een uurtje pruttelen tot ze goed is ingedikt. Of maak de saus met verse tomaten, zoals op deze wijze.
Bestrijk met de achterkant van een lepen 1 tortilla-vel volledig met de tomatensaus, maar niet te dik anders floept alle saus er direct weer uit. Garneer met (één van) de smaakmakers en leg er een tweede vel flour-tortilla op. Druk iets aan en snijd de tosti naar wens in vieren of meer stukken en verwerk zo alle vellen. Je kunt ook 1 vel voor de helft bestrijken en dan dubbelklappen.Â
Als je een hele stapel maakt, leg dan tussen iedere tosti een vel aluminiumfolie.
De tosti op de grill leggen en beide kanten een mooi kleurtje geven.

TiP: je kunt deze tosti’s ook in een koekenpan bakken.

update: en ineens bedacht ik me dat ik vorige zomer al eens met tortilla’s op de bbq had geëxperimenteerd (zie 4e alinea).

rumpunch

Wat is er nu leuker om je gasten te verwelkomen met een cocktail als je een feestje geeft? Nouja, dat wisten wij ook niet en om in het thema van de avond te blijven kozen we voor deze Caraïbische rumpunch. De belangrijkste ingrediënten zijn rum, fruitsap, gember en stukjes vers fruit voor de gezelligheid. De verhouding alcohol en fruitsap hielden wij op ongeveer 2 : 1.Dat betekent voor een cocktail voor 4 glazen:

* 500 dl fruitsap, bijvoorbeeld een mengsel van gelijke delen sinaasappel-, ananas- en mangosap
* sap van een halve limoen
* 120 dl water
* 250 dl donkere rum*
* 2 el rietsuiker, wat geraspte nootmuskaat, ½ tl kaneel, 1 el gerapte kokos, 50 ml gembersiroop
*1 kleine banaan, 1 sinaasappel

Meng alle ingrediënten behalve het verse fruit goed door elkaar en laat een tijdje intrekken.
Snijd voor het serveren de banaan en de sinaasappel (gewoon met de schil) in plakjes en serveer in mooie glazen.

* vervang de donkere rum voor een zelfde hoeveelheid (citroen)ijsthee (zonder koolzuur) voor een alcoholvrije punch.

[vlees] Jamaicaanse jerk-kippevleugeltjes

Het meest opvallende aan de barbecue die ik afgelopen zaterdag verzorgde vond ik dat juist de wat meer onbekende hapjes voor op zo’n barbecue het beste liepen. En dan onbekend in de zin dat mensen deze niet snel zelf op de barbecue zullen leggen, zoals quesedilla’s, grote garnalen of mosselen. Iedereen kon zelf iets op de barbecue leggen en er was een ventje van 13 dat het machtig vond om alles om te draaien en in de gaten te houden. Kippevleugeltjes bleken niet zo onbekend en er is maar weinig van verdwenen in de magen. En dat is jammer, want ze waren erg lekker. Maar goed, dat betekent dat hetgeen over was nu in de vriezer ligt en ik daar zelf nog eens van kan gaan genieten.
Dit recept is een samenvoegsel van de drie recepten die ik hiervan in mijn stapel boeken vond. Ze waren alledrie zo verschillend dat ik van elk de leuke dingen heb geplukt en daar deze marinade van heb gemaakt. Pin me er dus niet op vast dat het geen echt Jamaicaans recept is…

Voor 12 kippevleugeltjes:
* 12 kippevleugeltjes
* 1 el ui, 2 tenen knoflook, 1/2 lente-ui, 1 rode peper
* 1 el citroensap, 1/2 cm gemberÂ
* 2 el olie, 1 el azijn, 2,5 el sojasaus,
* 4 tl suiker
* 2 tl pimentpoeder, 2 tl kaneelpoeder, 2 tl (gedroogde) tijm, nootmuskaat, peper en zout

Het handigste is om alle ingrediënten, zonder de kip, in een keukenmachine te doen en alles goed te mengen. Marineer hierin de kippevleugeltjes zo lang mogelijk, het liefst een nacht lang.
Bak de vleugeltjes op een barbecue, grill of in de oven tot ze gaar zijn.

verder terug in de tijd »