De kookschriftjes van Joop B.

kookschrift kookgek joop braakhekkeNaast de twee boekenkasten, de enorme stapel culi-tijdschriften en de doos met losse recepten, staat ook nog een flinke stapel met kookboeken waarvoor ik eigenlijk geen plaats meer heb. Gisteravond pakte ik er twee van de stapel en nam ze mee naar bed. Horen ze op de stapel, of verdienen ze toch een plekje in de kast? Top of flop, ofzoiets.

Het waren het tweede en derde kookschriftje van Joop Braakhekke. Ik kocht ze voor een euro of drie (tezamen, meen ik) bij de V&D waar ze in de opruimbak lagen, zo’n tien jaar nadat ze uitkwamen. Dankzij deze digitale keuken weet ik wanneer ik ze kocht. En weet ik ook wanneer ik ze dus voor het laatst heb ingekeken. Want jaren stonden ze alleen maar de kookboekenkast te vullen. Reden om ze op de grote wegdoenstapel te leggen. Flop dus!
En nu wapperen er van die gekleurde plakkertjes uit. Bij recepten die ik nog eens wil maken, en bij culinaire tips die ik nog eens wil nakijken of uitproberen wat het resultaat daarvan is. Joop blancheert namelijk de spek voor hij deze gaat uitbakken in zijn recept voor Coq au vin (en zo maak ik het). En hij beweert dat de ogen van vis in de winkel met glycerine wordt bewerkt om ze maar glanzend te doen lijken. Opdat wij denken dat ze nog vers zijn. Gelukkig zijn er ook andere indicatoren om de versheid van de vis te testen. En zijn suggestie om venkel door de makreelmousse te doen lijkt me het uitproberen waard, evenals zijn konijn in pikante saus. Dan toch maar top?

De boekjes hebben me in elk geval een paar uur, en nu jullie ook deze minuten, leesplezier opgeleverd. Want de teksten zijn zo geschreven, dat je Joop soms hardop hoort vertellen. Veel geouwehoer en bros gebabbel over deze en gene bekende Nederlander, en gelukkig ook lekker veel over ingredienten en de gerechten. Zorgen over de visstand uitte hij toen al, en een bladzijde later roept hij op om je eigen smaak te ontwikkelen door te proeven en te praten over eten. Wederom top!
Maar de recepten worden met iets teveel kokstermen gelardeerd, waardoor ik nu eigenlijk niet goed begrijp waarom die kookschriftjes toen zo’n enorme hit waren (respectievelijk 10 en 5 drukken zijn ervan verschenen). Want sommige recepten zijn zo losjes opgeschreven dat alleen diegenen met wat meer culinaire bagage ze echt kan nakoken. Een flop! Maar (inmiddels) niet voor mij.
Zal ik toch maar een plekje voor ze zoeken in de kast?

Foodblogevent round up: Dit zijn de vakantieboodschappen

Het was natuurlijk wel een beetje eigenbelang, dit thema voor de vakantieboodschappen. In het buitenland duik ik graag een supermarkt in, maar zonder voorbereiding vergeet je dan soms de leukste dingen om mee te nemen. Dat hoeft vanaf nu niet meer. Want met dit overzicht weet ik, en ook jij, voortaan wat ik uit de verschillende landen mee ‘moet’ nemen.

Het meest populaire vakantieland bleek toch wel Frankrijk. Rinsma en De Vries kochten er stinkkaas (hun eigen woorden), en tal van andere fijne vulling voor de voorraadkast. Denk aan olijfolie, mosterd, koekjes, gezouten boter, jam, soep en drank. Bekijk hier hun lange lijst maar. Ook onze wijnkenner Mariella was in Frankrijk, en nam niet alleen wijn mee terug naar huis. Kaas, olijfolie, en die bijzondere kastanjejam, en water met een smaakje kwamen ook mee terug. In haar andere blog, de Herberg en de Ketel, werd er door de kok een heerlijk taartje met de kastanjejam gemaakt. Ook Tonia ging naar Frankrijk wist dat ze voor goede bouillons en fumets (visbouillons) naar dit land moest afreizen en verwend ons met een recept voor vissoep.

Ook Lizet Kruyff en Anzj bleven dicht bij huis en togen naar Duitsland. Lizet bracht het raadselachtige Toverpoeder mee, waarmee je heel makkelijk ijs kunt maken, zonder ijsmachine wel te verstaan. Kritisch, maakte ze er aardbeienijs mee. Ook Anzj wipte op een mooie dag even de grens over, en scoorde een perenazijn. En maakte er een komkommersalade mee, met de witte komkommers die ze weer terug in Nederland kocht. Iets verder naar het Oosten zocht Gabriella inspiratie in haar geboorteland Hongarije. Met echte gele Hongaarse paprika’s en het hete pepercreme erös pista (gewoon in Nederland te koop) maakte zij Letscho.

Niet van huis ging Leen van Culinaire Allegaartjes. Maar zocht na een Pools huwelijk inspiratie in een Pools winkeltje. En bijzondere kruidenmengsels werden er gevonden. Met gehakt, tomaten, ui, wortel en courgette werd daar
een smakelijke tomatensaus
van gemaakt. Ook Femke van Excellent Eten ging niet weg. Alhoewel, ze verhuisde. En liet haar ouders uit Italie onder andere Scamorza, een Italiaanse kaas, meebrengen. Daar maakte zij als dank deze calcioni van.

Maar er waren ook een paar foodbloggers die Europa verlieten en verder weg hun culinaire inspiratie zochten. Zo trok Paul vanuit Kralingen naar Amerika en vond daar chili’s. Heel veel chili’s. En de belofte om snel met hete Mexicaanse gerechten te komen.
Ook Marion trok ver weg, naar Japan, en maakte met de Matcha, groene theepoeder, zelf dit spannende groene thee-ijs.

En tenslotte waren er drie dames die een blogje wijdden aan culisouveniers van eerdere vakanties. Yvon aka Matisse haalde herinneringen op aan Portugal (piri piri en sardientjespate), Frankrijk (wijn en mosterd) en Andalusie (kruiden, worstjes, PX). De honing die ze ook uit het zuiden van Spanje meenam verwerkte ze in dit recept voor Aubergines met honing. Ook Winny haalde herinneringen op aan eerdere vakantie, en vertelt dat ze het liefst keukengerei mee terugneemt. Zoals de Frappéblender om koude koffie of vinaigrettes mee te kunnen maken. Met het recept hoe ze in Griekenland het liefste koude koffie maken. En als je blog Mam, wat eten we vandaag? mag het geen verwondering heten dat een van haar kinderen een rol speelt in dit verhaal. Ook Liesje logde uitgebreid over haar favoriete bezigheid in het buitenland; het bezoeken van supermarkten. En vertelt graag over haar culinaire ervaringen in verschillende landen die ze bezocht. Tijdens haar reis door Argentinie leerde ze hoe rundvlees kan smaken, en koopt sindsdien alleen maar biologisch rundvlees. Uit Zuid-Afrika kwam een heuse mini-potjie mee terug, terwijl haar keukenkastje verblijd werd met Mac & Cheese uit de VS. Ook Australie en Nieuw-Zeeland verrijkten haar culinair en leverden zelfs het voornemen om ook Nederland aan de cider te krijgen op.

En Ellen en Paul van het Ministerie van Eten en Drinken nemen van vakantie het liefste keukengerei mee. En proberen dat dan serieus nog uit. Zoals deze kip-opsteker, of hoe het ook mag heten, een prachtige koperen jampan en vooruit, ook wat te drinken terwijl je op de kip of de jam staat te wachten: Annis, maar dan wel met een mooi karafje en glazen erbij. Of ging het ze daar dan toch vooral om?

En ik? Ik bleef thuis. En hoopte maar op fijne culinaire tips voor Portugal, waar ik over niet al te lange tijd mijn vakantie zal doorbrengen. Tips daarvoor mogen hieronder!

Te veel II

wat een stapelIk schreef het al, naast de enorme (inmiddels) doos met losse recepten heb ik ook een grote stapel culibladen. Toen ik me realiseerde dat mijn smaak veranderde en dat ik aan veel van de uitknipte recepten niets meer had, besloot ik niet meer te knippen. En de tijdschriften in tact te laten. Tja…

Van volledige jaargangen Allerhandes en iets minder complete jaargangen Boodschappens, wat ‘blaadjes’ van Jumbo en van andere supers. De glossy Elle Eten waar ik al weer zeker een half decennium lid van ben. De Delicous van het eerste nummer tot het huidige. Natuurlijk ook het laatste nummer van het instituut Tip Culinair. Nog een stapeltje heel oude Allerhandes en Tips (Yvonne, lees je hier nog mee, en wil je ze terug?). Verscheidende los gekochte nummers van de Nederlandstalige GoodFood (met name de kerstedities), Culinaire Saissonier, Wining & Dining, Smaakmakend (inmiddels failliet begreep ik), Eten & Genieten, Appetito, Foodies, Season’s Eten&Drinken, Fresh, een verdwaalde Living, en ik weet niet wat nog meer.
En natuurlijk de culi-tijdschriften meegenomen uit Engeland, Australie, de VS en ik weet niet waar. Bovenop verschillende losse nummers van Bouillon en het huisblad van Slowfood.
De stapel is groter dan ik zelf ben, maar net iets lager dan de hoogte van een Billy. (Ja, die waarvan ik er 2 helemaal vol met kookboeken heb staan + nog een overschot die ik later nog in beeld ga brengen, dus bereid je maar voor!)

Tja, ook nu ben ik benieuwd naar jullie suggesties, dat begrijp je. Wat moet ik met die stapel?

Voorproefje Argentinisima

argentinisimaErgens begin september moet ie in de winkels liggen: Argentinisima. Het kookboek van Carola Verschoor de Berkhout, waaraan ik ook een steentje heb bijgedragen. Maar je kunt nu al een voorproefje krijgen: in Foodies september staat een special over dit prachtige nieuwe kookboek. En hier, hier en hier kan je een foto zien van het artikel over Argentinisima. En het wordt nog mooier: bij een jaarabonnement op Foodies, krijg je Argentinisima cadeau!
Zelf heb ik alleen nog maar de drukproeven gezien, en ik ben supernieuwsgierig naar het eindresultaat..

update: En ik lees op twitter dat Argentinisima in Leiden al in de boekhandel ligt. Hebben jullie het boek ook al gezien?

Ken je die van die twee die …

… in de Restaurantweek voor een restaurant gereserveerd hadden? Nou, die gingen dus niet. We stonden er wel voor de deur, van Luz, maar alle lichten waren uit en een vaag briefje hing op het raam. Ze waren gesloten en gingen de zomermaanden gebruiken om nieuwe inspiratie op te doen.

raar hoor

Geen datum met wanneer ze weer open zijn, maar gelukkig stond er wel een deur open. Dus ging ik naar binnen om opheldering te vragen. Ze hadden afgelopen weekend nog iedereen een email gestuurd dat ze dicht zouden zijn. Ik kon me er geen herinneren, en ook nu ik het nakijk heb ik die ook niet gehad. Wel meerdere mailtjes van de organisatie van de Restaurantweek ter herinnering aan mijn reservering. Maar ja, eten zouden we er die avond niet krijgen.

En in een stad die je nog niet zo goed kent is het lastig bepalen waar je dan naar toe gaat. Over de Oriental Green House hadden we wel goede verhalen gehoord, dus togen we daar naartoe. Wilden we beneden buffet, of boven a la carte? Met een snelle blik op elkaar besloten we voor het laatste. Daar bleek dat we nog een verdieping hoger konden voor Japans, maar we hadden ons al op Chinees verheugd.
Het bleek het beste Chinese restaurant van Nederland 2010 te zijn in de categorie ‘algemeen’. Dat betekent dat het een goed mainstream restaurant is. Het eten was prima verzorgd op mooi opgemaakte borden, maar de smaken waren wat vlak, de gasten allemaal wit, de bediening voorkomend en vriendelijk, en het intererieur tja.. Leuk om er eens geweest te zijn, maar voor ons niet voor herhaling vatbaar.

Cursus brood bakken

En ineens ontdekte ik dat Arden, je kent haar vast wel, niet alleen heel veel broden voor zichzelf bakt, maar ook een cursus brood bakken geeft. Met nog twee enthousiastelingen sprak ik met haar een datum af om nu voor eens en altijd die broodbakhobbel te nemen. Ik dan, beide heren zijn iets fanatieker in het bakken dan brood dan ik. Meneer Eediete bakte al brood toen hij nog student was, en ook voor J. is de broodbakmachine geen onbekende.
Na wat uitleg over haar fantasistische kneedmachine van het merk Bear - en als je het apparaat ziet, snap je direct de naam - en de heuse broodbakoven, gingen we aan de slag. Met de hand of in de machine konden we het deeg kneden voor een hazelnotenbrood of een lijnzaadbrood. Ik koos voor respectievelijk het eerste en het laatste. Na een goed kwartier, en vermoeide handen en armen, vond Arden het deeg goed genoeg voor de eerste rijs. En terwijl dat plaatsvond in een ingevette en afgedekte kom, genoten wij van eerder door Arden gebakken brood, een pastasalade en een groentenfrittata.
Daarna werden we weer aan het werk gezet, want het deeg was prachtig gerezen en verdubbeld. Tijd om dat ongedaan te maken en de lucht weer uit het brood te slaan. Toen werd het zaak het deeg zo te vormen dat het onder spanning zou komen te staan voor een mooie krokante korst, en mocht het weer rijzen. Nu in de speciale rijsbakken (links op de foto).

het eindresultaat

En opnieuw werden we aan het kneden gezet, nu voor twee soorten wit brood. Nu koos ik de gemakkelijke weg en zette de machine in. Heerlijk om dan intussen even met de overbuurvrouw, die inmiddels genoot van brood dat over was van onze maaltijd, te kletsen. Arden liet zien hoe je verschillende vormen kleine broodjes kunt maken door een strengetje te vormen en dat in allerlei rare kronkels te buigen. Waarop wij ons het zweet op het voorhoofd werkten om de broodjes mooie vormen te geven. Heel artisan zagen ze er allemaal anders uit.
Gelukkig was het daarna genieten van het prachtige brood dat uit de oven kwam. Ook de witte broodjes werden gebakken en onderling verdeeld. Zodat we met onze armen vol heerlijk geurend brood en een hoofd vol informatie, weer naar huis gingen.

Zin gekregen? Kijk dan hier naar het aanbod van de workshops van Arden.

Te veel

Ik heb het wel eens geroepen: zo veel recepten, zo weinig tijd. En tot de verhuizing kon ik mijn kop nog wel in het zand steken, maar nu ik heb gezien waar die arme verhuizers mee hebben moeten slepen, moet ik er toch wat aan doen. Mijn kookboeken passen niet meer in 2 Billy’s, de stapel met kooktijdschriften groeit me letterlijk boven het hoofd, en dan heb ik het maar niet over de talloze links die ik vergaard heb en de vele blogs die ik via RSS volg. Het probleem van de kookboeken en tijdschriften lossen we later wel op. Nu eerst maar de losse recepten, want ook daarvan is de stapel enorm, kijk maar naar de foto hieronder.

losse recepten

Het hamsteren hiervan begon toen ik student was. Uit de Allerhande, Volkskrant en allerlei andere blaadjes scheurde ik de recepten die me wel wat leken. Degene die ik uitprobeerde of ik die via anderen kreeg schreef ik keurig in het blauwe schriftje rechtsonder op de foto. Later plakte ik ze daar in, en weer later bewaarde ik het recept los in het schriftje. Dat al snel bol begon te staan.
Toen kwam een ordner. Daarin deed ik stevig wit papier en daar plakte ik de recepten op die ik nog eens wilde gaan uitproberen. Overigens tot grote verbijstering van mijn huisgenoten, die het maar een rare hobby vonden. Die map is later weer aan gort verknipt, mijn smaak veranderde en recepten die ik toen nog spannend vond, die vond ik een paar jaar later het uitproberen niet meer waard.
Ik begon in ‘pasta, rijst of aardappel’ te denken en zo kwam de zwarte map linksachter in beeld. Daarin zitten van die insteekhoezen en daarin bewaarde ik de recepten op thema. Rijstgerechten bij elkaar, koekjes bij koekjes, en ook de soepen kregen een eigen hoesje. Helemaal achterin bewaarde ik thema’s, dus specials uit de culitijdschriften over een land bijvoorbeeld. De recepten die ik uitprobeerde zette ik inmiddels op internet.
En daarna werd het tijd voor de kleurijke mappen rechtsachter. De rode bevatte alleen maar vleesrecepten, de blauwe vis, de groene vegetarische en de paarse allerlei andere recepten als toetjes en gebak. Ook deze mappen hebben insteekhoezen waarin de recepten vervolgens weer op thema werden geordend.
De mappen verloor ik een beetje uit het oog en veel recepten en van die gratis receptenboekjes propte ik in zo’n tijdschriftenbak. Deze kieperde ik voor de foto om en gooide op de al enorme stapel nog wat losse recepten die ik her en der bij het opruimen van de nieuwe studeerkamer vond.

Maar wat nu? Yvon aka Matisse bood heel vriendelijk aan om ze op haar manier in collage in te plakken. Ik vrees dat ze er net zo lang over zal doen als ik deed om deze stapel te verzamelen. Daarbij, ik kook tegenwoordig zo veel mogelijk met de seizoenen mee. Moet ik dan van haar vragen om alle recepten ook nog eens te ordenen? Of zal ik er maar gewoon de open haard mee aansteken? Ik kan me immers niet herinneren wanneer ik in deze stapel keek.
Al vond ik net wel een recept terug dat al een tijdje door mijn hoofd spookte (nee, niet deze) en dat snel gemaakt zal gaan worden… Hoe doen jullie dat? Met je losse recepten?

verder terug in de tijd »